Praktijk voor Remedial Teaching
Petra Wassenaar- Brouwer
Boekerslootlaan 20
2201 BT Noordwijk
06 - 20 23 40 96 / 071 - 36 101 63
info@rt-dekei.nl
www.rt-dekei.nl

Lezen moet je doen

‘Lezen moet je dóén!’ is een leesmethodiek, ontwikkeld door Trijntje de Wit en is bedoeld voor:

  • kinderen waarbij het leren lezen vertraagt of stagneert (ZML/ SO/ SBO);
  • voor laaggeletterden ofwel functioneel analfabetisme: wanneer mensen moeite hebben met de vaardigheid lezen en/of schrijven;
  • voor kinderen en ook volwassenen met Nederlands als tweede taal (NT2) die op basaal niveau willen leren lezen.

De methode ‘Lezen moet je dóén!’ is ontstaan vanuit het concreet ervaren van de klanken en letters. Het leesproces ontwikkelt zich door het gebruik van beeldschrift: elk woord wordt weergegeven door een plaatje of picto. Door deze picto’s aaneen te sluiten ontstaan er zinnen. Dit noemen we pictolezen. Aan de picto’s wordt later het letterschrift wordt gekoppeld. Zo leert men in  40 lessen op eigen wijze het lezen.

De methode ‘Lezen moet je dóén!’ is opgebouwd uit de onderdelen:

  • Zeggen wat je ziet; het aanleren van de picto’s, waarbij de nadruk ook op het begrijpen van de picto’s ligt. Zo groeit het pictolezen uit to volledige zinnen en teksten.
  • Het vormenboek; de letters zijn geanalyseerd in 10 grondvormen (o.a. lange stok, korte stok, rondje). worden de letters geleerd. Door de letters vanuit hun grondvorm te leren analyseren en deze vormen te verwoorden kan de leerling gemakkelijker het bijbehorende gebaar en dus ook de klank oproepen.
  • Lezen wat je kunt; Hiermee wordt de overgang van het beeldschrift – het pictolezen naar het letterschrift gemaakt, met veel aandacht voor:
    het horen: de klank van de letter;
    het zeggen: hoe staat je mond en wat doet de tong;
    het doen: het maken van het gebaar bij de klank;
    het zien: de vormen van de letters.
  • Kijken en kiezen: een digitaal programma wat na een aantal weken ingezet kan worden. Het kind wordt uitgedaagd om het leesproces op de juiste manier aan te pakken. Het kan niet anders dan eerst de leesopdracht lezen voordat de plaatjes waaruit gekozen kan worden op het scherm verschijnen. Pas na het lezen kan voor het juiste plaatje worden gekozen. Dus: eerst kijken en dan kiezen.

methodiek

De methodiek is ook heel goed inzetbaar in het basisonderwijs en de VVE. Met het aanleren van de vormen en klankgebaren kan al begonnen worden voordat er met het echte leesonderwijs gestart wordt. Voor het leren lezen is het belangrijk om losse klanken te kunnen koppelen tot een betekenisvol woord: de klanksynthese. De klankgebaren helpen om de klanken goed te leren uitspreken. In een later stadium kan de letter aan het gebaar worden gekoppeld en is de cirkel rond: De letter roept het gebaar op en het gebaar roept de klank in herinnering. Het begrijpend lezen wordt hiermee vanaf het allereerste begin centraal gezet.

‘Lezen moet je doen’ heeft overgangspakketten voor de methoden ‘Veilig leren lezen’ en ‘de Leeslijn’.